De beurskrach van 1929 en de gevolgen voor beleggers
De beurskrach van 1929 was een snelle en grote daling van de aandelenkoersen op Wall Street in New York. Op 24 oktober 1929, Zwarte Donderdag, raakten veel beleggers in paniek en verkochten zij hun aandelen. De krach werd gevolgd door de Grote Depressie, een langdurige economische crisis die ook Nederland trof.
Wat gebeurde er tijdens de beurskrach van 1929?
In de jaren voor de krach waren Amerikaanse aandelen sterk in waarde gestegen. Steeds meer mensen kochten aandelen, ook met geleend geld. Zolang de koersen omhooggingen, leek dat aantrekkelijk. Maar toen de prijzen begonnen te dalen, wilden veel beleggers tegelijk verkopen.
Op Zwarte Donderdag kwamen er grote hoeveelheden aandelen op de markt. De verkoopdruk was zo groot dat de handel moeite had om alles bij te houden. Grote bankiers probeerden het vertrouwen te herstellen door aandelen te kopen. Dat remde de daling tijdelijk af, maar maakte geen einde aan de onrust.
De maandag en dinsdag daarna daalden de koersen opnieuw scherp. Vooral Zwarte Dinsdag werd een symbool van de crash. De beurskrach bestond dus niet uit één slechte handelsdag: de paniek duurde langer en de koersen bleven daarna, met tussentijdse oplevingen, verder dalen.
De oorzaken van de beurskrach 1929
Er was niet één oorzaak voor de beurskrach. Een combinatie van hoge verwachtingen, geleend geld en zwakke plekken in de economie maakte de markt kwetsbaar.
- Hoge aandelenkoersen: beleggers rekenden erop dat aandelen steeds meer waard zouden worden. Daardoor stonden koersen hoog ten opzichte van wat sommige bedrijven verdienden.
- Beleggen met geleend geld: veel kopers betaalden maar een deel van hun aandelen zelf. Bij dalende koersen moesten zij extra geld bijstorten of hun aandelen verkopen om hun lening af te lossen.
- Twijfel over de economie: niet iedereen profiteerde evenveel van de voorspoed. Er waren ook zorgen over de productie, de vraag naar goederen en de financiële positie van bedrijven en huishoudens.
- Paniekverkopen: dalende koersen maakten beleggers bang voor grotere verliezen. Door de verkoopdruk daalden de prijzen verder, waarna nog meer mensen verkochten.
Vooral geleend geld versterkte de daling. Wie zonder lening belegt, kan wachten op herstel als dat financieel mogelijk is. Wie een lening moet terugbetalen, kan gedwongen worden te verkopen op een ongunstig moment.
Van beurskrach naar Grote Depressie
De beurskrach van 1929 was een belangrijke gebeurtenis aan het begin van de Grote Depressie. Maar de crash alleen verklaart niet waarom de economische crisis zo diep en langdurig werd. Ook problemen bij banken en keuzes van overheden en centrale banken speelden een rol.
Toen banken in de problemen kwamen of failliet gingen, verloren sommige spaarders hun geld en werd krediet moeilijker te krijgen. Mensen en bedrijven gaven minder uit. Bedrijven verkochten daardoor minder, verlaagden hun productie en ontsloegen werknemers. De werkloosheid liep op, waardoor gezinnen nog minder konden besteden.
De crisis verspreidde zich naar andere landen via handel en geldstromen. Landen probeerden hun eigen economie te beschermen, onder meer met hogere invoerheffingen. Dat maakte internationale handel moeilijker en verergerde de problemen.
Wat merkte Nederland van de beurskrach?
Ook Nederland kreeg te maken met de gevolgen van de wereldwijde crisis. De vraag uit het buitenland daalde, waardoor Nederlandse bedrijven minder konden verkopen. Dat raakte onder meer de handel, industrie en landbouw.
De werkloosheid groeide en veel gezinnen moesten rondkomen met minder inkomen. Voor mensen zonder werk bestond steun, maar die was beperkt en ging gepaard met strenge voorwaarden. De gevolgen van de krach reikten daarmee veel verder dan de mensen die zelf aandelen bezaten.
Hoe lang duurde het herstel na de beurscrash?
Na de eerste paniek herstelde de Amerikaanse aandelenmarkt niet meteen. Koersen gingen af en toe omhoog, maar daalden daarna opnieuw. Vanaf de top vóór de crash tot het dieptepunt verloor de Dow Jones-index ongeveer negen tiende van zijn waarde.
Het duurde vervolgens meer dan twee decennia voordat die index zijn oude hoogste stand weer bereikte. Dat cijfer vertelt niet voor iedere belegger hetzelfde verhaal: het resultaat hing ook af van welke aandelen iemand bezat, wanneer die waren gekocht en of er dividend werd ontvangen.
Voor beleggers is vooral het verschil tussen een tussentijds herstel en een volledig herstel van belang. Een paar goede beursdagen na een crash betekenen niet dat eerdere verliezen meteen zijn goedgemaakt.
Veelgestelde vragen over de beurskrach van 1929
Wat betekent beurskrach?
Een beurskrach is een plotselinge, sterke daling van aandelenkoersen. Bij de krach van 1929 ging die daling gepaard met veel onrust en grote aantallen verkooporders op Wall Street.
Was Zwarte Donderdag de enige dag van de beurskrach?
Nee. Zwarte Donderdag was een belangrijke dag, maar de maandag en dinsdag daarna volgden opnieuw grote koersdalingen. De gevolgen voor de aandelenmarkt hielden nog veel langer aan.
Veroorzaakte de beurskrach de Grote Depressie?
De krach droeg eraan bij, maar was niet de enige oorzaak. Bankproblemen, minder bestedingen, dalende handel en beleidskeuzes hielpen de crisis verdiepen en verlengen.
Kan een beurskrach als die van 1929 opnieuw gebeuren?
Een sterke koersdaling blijft mogelijk, maar niemand kan betrouwbaar voorspellen wanneer die plaatsvindt of hoe ernstig de gevolgen zijn. De financiële regels en de economie zijn veranderd, dus een volgende crisis hoeft niet hetzelfde te verlopen.
De gebeurtenissen op Wall Street laten zien hoe snel hoge verwachtingen kunnen omslaan in paniek, zeker als beleggers met geleend geld werken. Het lange herstel na de beurskrach van 1929 laat ook zien dat verlies niet altijd snel wordt goedgemaakt.
Bitcoin Circuit: hoe werkt automatisch handelen en wat zijn de risico’s?
Cold wallet: zo bewaar je de toegang tot je crypto offline
Verasity coin (VRA): werking, koers en risico’s