Spaarquote: wat is het en waarom is het zo belangrijk?

spaarquote

Van alle factoren die bepalen wanneer jij financieel onafhankelijk kunt zijn is de spaarquote verreweg de belangrijkste. Maar wat is een spaarquote eigenlijk? En waarom is deze zo belangrijk?

Wat is een spaarquote?

Een spaarquote is de verhouding tussen het netto-inkomen en het gespaarde vermogen over een bepaalde periode. Het vertelt je welk percentage van je nettoloon je hebt gespaard.

Jouw eigen jaarlijkse spaarquote kun je gemakkelijk berekenen. Je kunt simpelweg je jaaropgaaf van je werk erbij pakken voor het netto-inkomen. Je totaal gespaarde vermogen kun je terugvinden in het jaaroverzicht van je bank(en).

Deel het gespaarde bedrag door je netto-inkomen en vermenigvuldig het met 100%.

Voorbeeldberekening:

  • Je hebt in 2018 € 25.000 nettoloon gekregen
  • Je hebt in 2018 in totaal € 8.000 gespaard
  • Je spaarquote over 2018 is 8.000 / 25.000 * 100% = 32%

Het is belangrijk je bewust te zijn van je spaarquote. Dit bepaalt namelijk in grote mate óf en wanneer je financieel onafhankelijk kunt zijn.

Daarnaast kun je spaarquotes over verschillende jaren met elkaar vergelijken, om te kijken of je vooruitgang boekt, of juist meer bent gaan uitgeven.

Waarom is het zo belangrijk?

Je spaarquote bepaalt wanneer jij kunt stoppen met werken.

Om één jaar niet te hoeven werken, moet je voldoende sparen om het betreffende jaar volledig in je uitgaven te voorzien. Hoe snel je dat bedrag bij elkaar hebt is afhankelijk van je spaarquote.

Dit komt neer op het volgende:

  • Stel je verdient netto € 20.000 en je spaart € 4.000: dit is een spaarquote van 20%
  • Je totale uitgaven per jaar zijn € 16.000 (inkomen – spaarbedrag)
  • Om één jaar niet te hoeven werken moet je € 16.000 / € 4.000 = 4 jaar sparen

Iedere vier jaar genoeg sparen om één jaar niet te hoeven werken is natuurlijk al fijn, maar stel nu dat je het voor elkaar krijgt je uitgaven te verlagen:

  • Je verdient nog steeds € 20.000 maar spaart nu € 8.000, dit is een spaarquote van 40%
  • Je totale uitgaven per jaar zijn permanent verlaagd naar € 12.000
  • Om één jaar niet te hoeven werken moet je € 12.000 / € 8.000 = 1.5 jaar sparen

Met een spaarquote van 20% moet je vier jaar sparen voor één vrij jaar. Bij 40% is dit nog maar anderhalf jaar.

Dit is waarom het verhogen van je spaarquote zo belangrijk is: het heeft een dubbel effect. Het verhoogt het gespaarde bedrag, en vermindert tegelijkertijd het benodigde bedrag voor je jaaruitgaven.

Meer voorbeelden:

  • Met een spaarquote van 50% spaar je elk werkjaar genoeg om één jaar vrij te nemen
  • Bij 66% spaar je elk werkjaar genoeg om twee jaar vrij te nemen
  • Bij 80% spaar je elk werkjaar genoeg om vier jaar vrij te nemen
  • Mocht het je lukken 90% van je nettoloon te sparen, dan kun je na één jaar meteen negen jaar vrij nemen!

Je ziet dat een hogere spaarquote een steeds groter effect heeft op het aantal jaaruitgaven dat je bij elkaar kunt sparen. Het loont dus zeker om je besparingen nét dat beetje extra op te drijven.

* In de voorbeelden is voor het gemak geen inflatie, vermogensrendementsheffing, maar ook geen rendement op de beurs meegenomen. Om het exacte moment te berekenen wanneer jij financieel onafhankelijk bent, zijn deze factoren ook van belang. Deze berekening zal ik in een later artikel behandelen.

Deel dit artikel:

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *